Lang leven de citrusvruchten

Citrusvruchten zitten vol vitamines en gezonde antioxidanten. En ze hebben allemaal hun eigen sterke punten. Elf (on)bekende soorten citrusfruit en hun gezonde eigenschappen op een rij.

1. Sinaasappel

Al het citrusfruit is rijk aan vitamine C en foliumzuur, maar sinaasappels spannen de kroon. Met één sinaas­appel krijg je bijna 90 procent binnen van de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) van vitamine C, en 20 procent van de ADH van foliumzuur. Beide vitamines zijn goed voor de weerstand. Foliumzuur is ook nog eens goed voor het geheugen en de concentratie.

2. Limoen

Het kleine groene zusje van de citroen blinkt uit in vitamine B6. Van de hele citrusfamilie bevat limoen er het meest van. Vitamine B6 is goed voor het bloed, de hormonen, de zenuwen en de weerstand, maar ook voor het geheugen, de concentratie en de gemoedstoestand. Het helpt zelfs bij vermoeidheid.

3. Citroen

Deze zure vrucht wint het van zijn familieleden als het gaat om het gehalte aan vitamine E, een antioxidant die de lichaamscellen beschermt tegen vrije radicalen. Dit zijn agressieve stoffen die schade kunnen veroorzaken aan cellen en weefsels. Op de lange termijn vergroten vrije radicalen mogelijk de kans op kanker en hart- en vaatziekten.

Verder is citroen de ‘slankste’ van de familie. Een citroen levert slechts 23 calorieën en dat is 25 procent minder dan gemiddeld in citrusfruit zit.

4. Mandarijn

Door mandarijnen te eten, geef je je ogen goed de kost. Vergeleken met andere citrusvruchten bevatten mandarijnen het meeste luteïne, een gele kleurstof die de ogen beschermt tegen zonlicht. Ook zit in mandarijnen 50 procent meer vitamine A dan gemiddeld in citrusfruit. Dankzij vitamine A kunnen de ogen zich aanpassen aan schemerlicht.

5. Kumquat

Klein maar fijn, zo zou je de kumquat kunnen omschrijven. Dit oranje eenhapsvruchtje (je eet ’m met schil en al) verslaat de grotere citrusvruchten met vlag en wimpel wat betreft vitamine B2, B3, magnesium en koper. Die voedingsstoffen zorgen van binnenuit voor een mooie huid. Kumquat bevat van al het citrusfruit ook de meeste vezels: ruim twee keer zoveel.

6. Grapefruit

Opvallend aan grapefruits is het hoge gehalte aan lycopeen, een antioxidant die ook in tomaten zit en die tegen prostaatkanker beschermt. Grapefruits bevatten ruim 27 keer zoveel lycopeen als gemiddeld in citrusfruit zit. Overigens bevatten tomaten nog altijd het meeste lycopeen: zo’n 10 keer meer dan grapefruits.

En wat is dát?

Citrusvruchten laten zich onderling makkelijk kruisen. Er zijn dan ook veel ­verschillende soorten gekweekt. De volgende kruisingen zijn minstens zo rijk aan vitamines als hun voorouders:

7. Mineola

Een fris zure kruising tussen mandarijn en grapefruit. Je herkent mineola’s aan de schil: op de plek waar de steel heeft gezeten, zit een uitstulping.

8. Pomelo

Familie van de grapefruit. Het zijn grote joekels: ze kunnen wel 30 centimeter in doorsnee worden. In de dikke geelgroene schil ligt de vrucht, die een stuk kleiner is dan de buitenkant doet vermoeden. Pomelo smaakt fris en lichtbitter, maar is zoeter dan grapefruit.

9. Limequat

De limequat is een kruising tussen kumquat en limoen en wordt ook wel dwergcitroen genoemd. Limequat is slechts 2 tot 4 centimeter in doorsnede. Net als kumquats hoef je limequats niet te pellen: je eet ze met schil en al.

10. Sweetie

Sweetie is een kruising tussen grapefruit en pomelo, wat een zoete variant van grapefruit oplevert.

11. Ugli

Hij mag dan wat ‘ugly’ zijn (de schil is grof, bobbelig en geelgroen of geelbruin), het vruchtvlees smaakt zoet en sappig. Ugli is een kruising tussen mandarijn, grapefruit en sinaasappel.

bron: gezondheidsnet.nl